Nieuws

15/11/2019

Beter Geven debuteert in DBB100

In de nieuwste editie van DBB100 zijn de grondleggers van Beter Geven opgenomen. Lees meer >

19/09/2019

Workshop ‘Theory of Change’ op 30 januari 2020

Op donderdag 30 januari 2020 kunt u aan de slag met uw eigen Theory of Change. Lees meer >

27/08/2019

Cursus ‘Financiële beoordeling van aanvragen’ op 6 februari 2020

Op donderdag 6 februari 2020 verzorgt Beter Geven wederom een cursus waarin de financiële aspecten van aanvraagbeoordeling centraal staan. Lees meer >

Nieuwsarchief

Twitter LinkedIn

Andrew Carnegie

Filantroop van de maand - Foto Andrew CarnegieU kent hem waarschijnlijk wel van Carnegie Hall in New York. Of van zijn bijdrage aan het Vredespaleis in Den Haag. De van oorsprong Schotse staalmagnaat en filantroop Andrew Carnegie (1835-1919) emigreerde halverwege de 19de eeuw naar de Verenigde Staten. Hij werkte zich als hulpje in een katoenspinnerij via de Ohio Telegraph Company en de Pennsylvania Railroad op. Om uiteindelijk eigenaar te worden van het grootste staalbedrijf van de wereld, de Carnegie Steel Company. Door de verkoop van dat bedrijf werd hij een van de rijkste mensen ter wereld.

Zijn rijkdommen wilde hij niet alleen aan zijn nabestaanden nalaten, maar nog tijdens zijn leven aan goede doelen besteden. Dat moest zó gebeuren dat de mensen die ervan profiteerden zichzelf ook echt verder konden ontwikkelen. Zo was de cirkel weer rond: een ‘selfmade man’ wilde de mensen de gelegenheid geven om het zélf te maken.

In 1902 richtte Carnegie het Carnegie Institution of Washington for Fundamental and Scientific Research op. Hij besteedde het overgrote deel van zijn enorme fortuin ook aan de bouw van 2.500 openbare bibliotheken in twaalf Engelssprekende landen, waaronder Schotland, de Fiji-eilanden en de Seychellen. De stad waar de bibliotheek kwam moest de bouwgrond en de boeken schenken en daarbij moest het stadsbestuur instaan voor de werking ervan. Carnegie schonk in 1903 een bedrag van $ 1.500.000 voor de bouw van het Vredespaleis, dat tussen 1907 en 1913 in Den Haag werd gebouwd en waarin later ook het Internationaal Gerechtshof gevestigd zou worden.

Maar het was al in 1889 dat Andrew Carnegie zich als filantroop deed gelden. In zijn essay ‘The Gospel of Wealth’ beschreef hij de filantropische verantwoordelijkheden van de nieuwe elite. Rijke ondernemers hadden naar Carnegie’s mening de verantwoordelijkheid om hun fortuin dusdanig te spenderen dat er iets goeds mee gebeurde, en niet werd verspild. Armoede in een kapitalistische maatschappij, zo betoogde Carnegie, zou bestreden kunnen worden door rijke zakenmannen en -vrouwen.

Met deze visie moet Andrew Carnegie ook ondernemers en rijken in de 21ste eeuw nog steeds kunnen inspireren en aanzetten tot maatschappelijk goed doen.

Bronnen:

 

Ga terug naar het overzicht van filantropen >>>